Van
republiek naar koninkrijk
In 1806
eindigde de geschiedenis van de Betaafse Republiek: de Republiek werd
een koninkrijk, waarin Lodewijk Napoleon, broer van de Franse keizer,
de scepter zwaaide. Die Lodewijk was nu niet een man met veel charisma.
Hij was
een ziekelijke, reumatische, mank lopende man, die veel te veel geld uit
gaf aan zijn hofhouding.
De staatkundige indeling tijdens de Bataafse republiek onderging een algehele
wijziging. De vroegere gewesten verdwenen en maakte plaats voor 8 departementen.
Ieder
departement werd verdeeld in 7 ringen. Het land tussen de Lek en de Merwede
kwam te liggen in het derde departement van de Rhijn, met als hoofdplaats
Arnhem.
Ammersgraafland,
Agterland en Peulwijk met 236 zielen en Gelkenes met 328 zielen kwamen
te liggen in ring 1 met als hoofdplaats Gorinchem.
Drie jaar
later werd dat weer veranderd en viel het onder het departement Holland.
Ook werd er bepaald dat iedere stad, district of dorp een gemeentebestuur
zou hebben.
Een meer
ingrijpende wijziging bracht koning Lodewijk Napoleon. Het Rijk werd verdeeld
in 10 departementen. Onze streek kwam te liggen in het 8ste departement
Maasland.
Na de
inlijving van 1811 werd le territoire de la Hollande, reuni a notre
Empire verdeeld in cantons. Voor Gelkenes en Gravenland gold: Departement
des Bouches-de-la-Meuse met als hoofdplaats Den Haag, Arrondissement Gorcum,
Canton Sliedrecht.
Gelkenes
en Gravenland vormden dus twee gemeenten. In 1825 werden Ammers-Graafland
(Gravenland) en Gelkenes verenigd tot de gemeente Groot-Ammers.
Later
kregen we de nu zo vertrouwde provinciën en onze streek behoorde
tot de provincie Holland.
|