De
rolhordeur
juli
2001
Het is
hartje zomer, de zon schijnt fel aan een strakblauwe hemel.
Tootsie en Meis zijn helemaal thuis bij ons en met onze Guusje gaat het
prima.
Ze kunnen alle drie goed met elkander overweg. Ruzietjes zoals in het
begin toen Toots en Meis er pas waren komen niet meer voor, iedereen heeft
zijn plaatsje in ons huis gevonden. Ook rond de etensbakjes gaat het gemoedelijk
toe.
Vrolijk
rennen ze al spelend door ons huis en als Guusje het zat is gaat zij gewoon
naar buiten en zoekt een heerlijk schaduwrijk plekje in onze tuin op.
|
|
Toets
en Meis mogen niet naar buiten, dit komt niet alleen omdat het raskatten
zijn, maar nog meer omdat ze nog niet gesteriliseerd zijn en heus drie
poezen zijn voor Inge en mij wel genoeg.
Als het zulk prachtig weer is, wil je graag het één en ander
in huis aan ramen en deuren open gooien, zo ook de tuindeur. Dit geeft
een weliswaar een klein probleem als de éne poes wel naar buiten
mag en de andere twee niet, hoe los je dit nu op?
Inge had een lumineus idee, de rolhordeur.
Door dit
simpele en effectieve gebruiksartikel blijft het vliegend insectenvolk
buiten en de poezenpopulatie binnen.
Helaas was dat maar zo éénvoudig. Onze tuindeur heeft namelijk
geen drempel en om de rolhordeur naar behoren te laten functioneren zijn
er twee geleiderailtjes nodig, die zowel boven als beneden gemonteerd
dienen te worden. De leverancier van de hordeur, onze plaatselijke ijzerwarenhandel,
vertelde dat de onderste geleiderail niet nodig was, hij had het per slot
van rekening bij hem zelf thuis ook zonder gedaan.
Iedere intelligente poes, en daar hebben we er dus drie van, kan bedenken
dat als je je plat maakt en met je kop naar voren eenvoudigweg ónder
de rolhordeur door kunt kruipen. Dit moest natuurlijk onmogelijk gemaakt
worden, en wel door middel van een plankje van zo'n 15 cm. hoog dat over
de gehele breedte van de deur in de sponning geplaatst kan worden. Het
is nu niet meer mogelijk voor een poes het huis via de tuindeur te verlaten.
De volgende
dag zit ik rustig in de kamer wat te lezen, want waarom zal je dat nu
onrustig doen. Ik had Guusje naar buiten laten gaan en de rolhordeur met
het plankje nauwkeurig gesloten.
Een klein uurtje later komt Guusje vrolijk de kamer in gelopen. Ha die
Guus, roep ik nog en op het zelfde moment schrik ik. 'Mijn hemel heb ik
de rolhordeur dan toch niet goed gesloten' en haast mij naar de tuindeur
toe.
Maar de rolhordeur met het plankje is nog net zo gesloten als toen ik
het een uur geleden nog gedaan had.
Guusje had al snel ontdekt, dat als je tussen het plankje en de rolhordeur
kruipt je heel eenvoudig weer naar binnen kan komen zonder de rolhordeur
te openen.
Na een intensief onderzoek van Guusje en van mij is gebleken dat je wel
van buiten naar binnen kan komen maar gelukkig voor mij niet anders om.
Ja, Guusje ik ben blij dat ik zulke intelligente poezenmeiden heb.
|